STARTEN MET VAST VOEDSEL – BABY’S VAN 0 TOT 1 JAAR

Laudavie

De introductie van vaste voeding, dus de geleidelijke invoering van complexe koolhydraten, groenten, fruit en eiwitten in de voeding van de baby en als aanvulling op de melk, wordt vanaf 6 maanden aanbevolen door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO), die aanraadt om tot die leeftijd uitsluitend borstvoeding te geven.

Vaak gebeurt het tussen 4 en 6 maanden, afhankelijk van het kind en diens verlangen naar andere voedingsmiddelen dan melk. Deskundigen adviseren om echter nooit te beginnen voordat de eerste 4 maanden voorbij zijn, of pas na 6 maanden.

Borstgevoede baby’s blijven op verzoek moedermelk krijgen en bij baby’s met flesvoeding worden dat vier maaltijden van telkens 210 ml zuigelingenmelk en later opvolgmelk zodra geen melk meer wordt gegeven bij de maaltijd. Deze dagelijkse porties worden geleidelijk verminderd wanneer groenten en fruit worden geïntroduceerd. Introduceer best eerst granen, daarna groenten, dan fruit en tot slot dierlijke eiwitten.

Afwisselen tussen meel en granen

Meel of granen worden ’s avonds en/of ’s ochtends toegevoegd aan het flesje (1 tot 2 koffielepels). De samenstelling kan verschillen. Vaak zijn het combinaties van verschillende soorten meel: rijst, tarwe, haver, gierst, maïs, quinoa … Wanneer uitsluitend borstvoeding wordt gegeven, kan wat melk worden afgekolfd om een fijn griesmeelpapje te bereiden en vervolgens met de lepel te geven. Complexe koolhydraten, beter bekend als “trage suikers”, kunnen ook worden aangebracht in de vorm van brood of koekjes, of in combinatie met groenten.

Gewoonlijk wordt gestart met glutenvrij meel voor baby’s en worden pas geleidelijk aan gluten geïntroduceerd zodra het kind 7 maanden is geworden.

Bij overgewicht wordt de hoeveelheid complexe koolhydraten beperkt.

Kleine porties groenten

Groenten worden geleidelijk aan ingevoerd, meestal eerst tijdens het middagmaal en direct met een lepel. U kunt kiezen tussen “zelfgemaakte” groentepuree of een potje met ongeveer 130 gram groentepuree uit de winkel. U kunt uw baby laten kennismaken met deze groenten: rode biet, preiwit, broccoli, wortel, courgette (geschild en zonder pitten), spinazie, sperziebonen, zoete aardappel, pastinaak, gewone of Hokkaido pompoen en tomaten. Snijbiet (groen en wit) en andijvie kunnen in beperkte hoeveelheden in de vorm van jonge groenten, om de inname van vezels te beperken. Erwtjes zijn alleen geschikt als ze extra fijn zijn. Bij constipatie moeten er minder wortelen gegeven worden. Beperk in het begin de groenten met een “scherpe smaak” en groenten die te veel vezels bevatten: artisjok, aubergine, kardoen, selderij, kool, venkel, rapen, ui, paprika, radijzen, schorseneren, preigroen …

Enkele tips die u best volgt:

  • Groenten worden best gestoomd. Doe er ook geen zout op voor of na het koken.
  • Bied liefst slechts één groente per dag aan (naast de aardappelen, die dienen om erg vloeibare groenten zoals courgettes en tomaten te binden) zodat uw kind de specifieke smaak van elke groente leert kennen. Opteer bij potjes uit de winkel voor de varianten met maar één smaak.
  • Geef best elke dag een andere groente zodat uw baby later gemakkelijker nieuwe voedingsmiddelen zal aannemen.
  • Als hij een groente weigert, dring dan niet aan en probeer op een andere dag nog eens. Soms is het nodig om een beetje door te zetten als uw baby een bepaalde groente blijft weigeren (soms 8 tot 10 keer!). Blijf proberen tot uw kind de groente die in eerste instantie werd geweigerd, uiteindelijk toch wil eten en zelfs lust.

Fruit in een papje

Ongeveer 10 tot 15 dagen nadat u met groenten bent gestart, kunt u het eerste fruitpapje geven. U kunt zelf een fruitpapje maken van rijp, gekookt en gemixt fruit zonder toegevoegde suiker of potjes fruitpap uit de winkel geven (ongeveer 100 g).

Tips van de specialisten:

  • Bied net als bij de groenten om dezelfde redenen slechts één soort fruit per dag aan en kies ook elke dag een andere soort.
  • Alle soorten fruit zijn mogelijk, ook kiwi’s, bosvruchten en exotisch fruit.
  • Ook hier geldt de regel dat als uw baby een bepaalde fruitsoort weigert, dat u die dan op een andere dag nogmaals aanbiedt zonder te dwingen. Laat de moed niet zakken als het een tijdje duurt voordat uw baby de fruitsoort in kwestie aanneemt en lust.

Eiwitten

10 tot 15 dagen na het eerste fruitpapje is uw baby klaar voor een volledige middagmaaltijd met de lepel, met 10 gram (dus ongeveer 2 koffielepels) vlees, vis of zelfs een kwart van een eitje.

En in het kader van een vegetarisch dieet?

Vlees en vis worden vervangen door zuivelproducten (en later door kaas) en eieren.

Wat is de Rapley-methode, of ‘Baby-led weaning’ (BLW)?

De steeds populairdere Rapley-methode, waarbij het kind zelf bepaalt wat en hoeveel het eet, begint ten vroegste vanaf 6 maanden met een aanbod van alleen vast of zacht voedsel met uiteenlopende texturen en vormen. De baby grijpt ze zelf met zijn handen om zelfstandig te eten. Lees voor meer informatie over dit onderwerp zeker het boek Bébé mange tout seul (Christine Zalejski, éditions Larousse).